De mannen van Reid in de Singlehanded 2008

(gezien vanuit de kuip van Sturdy)

 

Op 30 april 1969 stond in de Waterkampioen een advertentie, die opwekte om mee te doen aan een Nederlandse solo zeiltocht. Het gemeentebestuur van Workum stelde daartoe een prijs voor de winnaar in het vooruitzicht in de vorm van de zilveren “Workumer Brijlepel”. De organisatie van die tocht was echter in handen van Reid. Aan die “wedstrijd” deden twee zeilers mee: Atse Bangma, de latere winnaar en Floris Bakels, een Leidse student. Eén van de regels was: geen motorgebruik. Men mocht naast zeilen ook roeien, bomen, jagen, wrikken en boegseren. Bruggen en sluizen dienden zeilend of “op de pikhaak” genomen te worden, ongeacht hoe lang het verkeer moest wachten voor een open brug of sluis.

 

Sedert een aantal jaren is Henri Steneker de nauwkeurige en kritische organisator van de Singlehanded. Tegenwoordig zijn GPS, kaartplotter en andere elektronische hulpmiddelen op vrijwel alle deelnemende schepen aanwezig. Bij de een wat meer ingebouwd en luxer dan bij de andere. Nadat in 2007 onderling een heftige discussie is ontstaan over het onreglementair gebruik van de marifoon, voorzien de nieuwe reglementen niet meer in zo’n verbod. Immers, volgens Steneker: “ik kan het gebruik van de mobiele telefoon ook niet controleren en velen bellen elkaar om marifoongebruik te voorkomen”.

 

Het karakter van de Singlehanded is toch niet gewijzigd. De 2008 versie kende 37 deelnemers met zeiljachten in grootte variërende van 7 tot 18 meter. De meeste deelnemende schepen waren 30 tot 35 voet lang.

De schippers (allemaal mannen!) zijn over het algemeen recidivisten. Heeft de verslaving ingezet dan is de herfstvakantie voortaan gereserveerd voor deelname aan de Singlehanded. Onderling heerst een sfeer van gelijkgestemdheid. Wie anders is zo gek om eind oktober onafgebroken vier etmalen met kou, regen en storm over het wad en IJsselmeer te zeilen. De wimpel nummer 1 wordt trots gevoerd om te laten zien dat er gewerkt wordt. Misschien ook als waarschuwing aan anderen dat men zeilend manoeuvreert en de motor daarvoor niet gebruikt.

 

Zo ging het ook op zondagavond 19 oktober. Een redelijk grote groep deelnemers was in de ochtend vertrokken van Oudeschild op Texel richting Vlieland. We zeilden met een westelijke windkracht zes. De wind wakkerde die middag nog aan met vlagen van ruim kracht 7. Zelf verkende ik met mijn nieuwe Sturdy niet betonde vaarwegen zoals de Westkom en het Oude Inschot.

Bij de ingang van het Inschot ging ik noordwest recht op Vlieland dorp af. Het was hoogwater. Eerst op de kaart een hoge bank zoeken bij de geul om te zien of er voldoende water staat. Dat gaat goed. Twee meter water, terwijl Sturdy een hydraulische kiel heeft die de diepgang tot 70 centimeter kan terugbrengen. Wie A zegt moet B zeggen. Ik stuur ferm richting Vlieland recht over de plaat heen. Er gaat een tweede rif in. Ik laat de kiel een beetje zakken als “early warning” methode. De diepgang blijft vrij stabiel op ca. 1 ½ meter, met af ten toe ondiepere stukken met iets meer dan een meter. Wel verlijer ik als een gek omdat de harde wind Sturdy zonder kiel behoorlijk zijwaarts duwt. Opvallend hoe pittig de golven zijn op dit zo ondiepe deel van het wad.

Al vele jaren had ik deze route willen nemen maar nooit gekund en gedurfd. Ik vier het als een overwinning. De weersverwachtingen zijn vandaag niet ideaal voor zo’n verkenning, maar ja… Het voelt als een kans die ik moet grijpen. Bovendien is het alternatief om boven de Richel langs te gaan en dan wind en stroom tegen te krijgen. Dat is geen lekker idee. De meeste andere Singlehanded deelnemers verlies ik uit het oog en ik vermoed dat ze op weg zijn voor een rondje Meep met daarbij een verplichte ankerpauze de oostelijke Meep van twee uur. Waanzin nu rond hoogwater; er is geen enkele beschutting te vinden nu. De collega’s die om de Richel hen moeten. Zullen het zwaar krijgen.  Brhhh.


 

Omdat ik onder langs de Richel vaar heb ik het laatste stuk naar Vlieland-Haven wind en stroom mee. Het douaneschip ligt kalm op de rede voor anker. Het is echter alleszins rustig water. Voor de haven haal ik het dubbel gereefde grootzeil neer en voel de Sturdy (toch 5 ton gewicht) stuiteren op de golven! Met wind mee surfen we door de smalle ingang de haven in. Op het havenhoofd verzamelt zich een groepje geïnteresseerde water-ramptoeristen.

Het is pas drie uur ’s middags en er is aanlegplaats genoeg. Ik ben de eerste die aanlegt. De uren erna druppelen meer Singlehanded deelnemers binnen. Het waait hard, kracht zes tot zeven uit het Zuidwesten, en het is inmiddels donker geworden. Rond zeven uur wordt een groepje toplichtjes zichtbaar voor de haven van Vlieland. Het is te donker om goed te zien, maar aan de veranderende kleuren van het toplicht is te zien dat men rond draait om zich gereed te maken voor de aanval op de veilige haven. Dit zijn de collega-deelnemers die vanmiddag hun verplichte ankerstop hebben volbracht.

De èen na de anders stuiven ze onder klein zeil naar binnen. De reeds gearriveerde deelnemers vangen de schepen op en zorgen voor het provisorisch vastleggen van de jachten. Het binnenvaren gaat gepaard met een wilskracht en zelfbeheersing van de schippers, die een klasse part is. Hoewel de weersomstandigheden moeilijk zijn, het pikdonker is en de bemanning uit louter alleen de schipper bestaat, hebben ze hun jachten goed onder controle en is zelfs de haven van Vlieland ruim genoeg voor de aanlegmanoeuvres.

Groot respect voor die collega-deelnemers die onder die omstandigheden hun schip veilig naar binnen hebben gezeild. Dan is moderne apparatuur en goede scheepsuitrusting maar betrekkelijk. Het gaat in de eerste plaats om jezelf en het je schip onder moeilijke omstandigheden te kennen.

 

Mannen, Reid kan trots op jullie zijn!

 


 

Zaterdagavond

He Sturdy is de eerste, je investering komt er wel uit”! Het is donker en de gestalte van Willem van Olst, een vorige brijlepelwinnaar, roept mij dat toe. Met zijn eerste uitspraak heeft hij trouwens geen gelijk. Ik ben de tweede van de Singlehanded deelnemers die de Stevinsluis bij Den Over heeft bereikt na het vertrek uit Lelystad vanmiddag. Maar Sturdy heeft stempelplaats Medemblik aan bakboord laten liggen. Willem’ zijn tweede uitspraak klopt echter wel. Na tien jaar varen met de oude Sturdy, o.a. rond Groot-Brittannië, is dit voorjaar onze nieuwe Sturdy opgeleverd. Het is een MAK 9 DS van een nog onbekende Poolse werf. Afgelopen zomer hebben we met het gezin al het wad verkend en nu dus weer terug, maar nu solo.

 

De start was vanmiddag in Flevo Marina met alle bekende ingrediënten: snert met roggebrood, Henri als ceremoniemeester en veel enthousiasme voor wat komen gaat. Ook wel wat spanning. Ook bij mezelf. Het is de eerste keer dat ik alleen met de nieuwe Sturdy op pad ga. Ook hebben drukke werkzaamheden van de afgelopen weken hun tol gevraagd. Ik weet van mezelf dat ik onvoldoende uitgerust ben. Deze pure zeilweek gaat me er hopelijk weer boven op helpen.

 

Vanmiddag en vanavond was het lekker zeilen met WZW kracht 5. Medemblik leek echter niet bezeild. Bij Enkhuizerzand staken we een stuk af met de hydraulische kiel omhoog. Ruim voldoende water nu met de kiel omhoog, maar het verschil in stabiliteit was in de windvlagen duidelijk te merken.

Om vier uur toch maar een rifje gestoken en daarna liep het lekker. Weinig koersaanpassingen nodig en met het laatste daglicht binnenvaren bij de sluis in Den Oever. Gelukkig een beetje licht omdat er veel onverlichte tonnen in de weg liggen! Na de sluis even aan de wachtsteiger om wat te eten en te wachten op hoogwater. Vannacht met afgaand tij Den Oever uit en over de Bollen rechtdoor naar Oudeschild. Het eerste stuk viel nog niet mee. Ik had me mentaal voorbereid op het donker en de mogelijke verwarrende lichtjes. Dat viel me alleszins mee, maar de wind was tegen en de stroom nog onvoldoende mee. Kruisen in het donker op dat smalle stuk is niet echt een hobby. Gelukkig heb ik een keerfok, want anders was de spierpijn in de armen niet meer te verdragen.

Als later de stroom doorzet wordt een het een leuke ontdekking dat op de Bollen 2 ½ meter water staat. Dat is meer dan verwacht en geeft me een rustig gevoel op dit voor mij onbekende vaarwater. Het scheelt ook een paar mijl kruisen en ik kom nu met stroom mee bij Oudeschild. Om twee uur ’s nachts meer ik aan in de vissershaven. Lekker naar bed.

 

De volgende dag om tien uur in de ochtend mag ik weer verder. Het is een drukte van binnenkomende en vertrekkende Singlehanded deelnemers. Allemaal op weg naar Vlieland. We gaan voor de wind en ik zet er een rif in omdat ik buiten de geul naar de Paardehoek wil zeilen in een zo recht mogelijke lijn. Je wilt niet teveel zeil op hebben als je vastloopt. Het wordt een leuke tocht. De zon komt door en het waait stevig. Aan stuurboordzijde zie ik de meeste deelnemers uitlopen, omdat bij hen in de betonde diepere geul meer stroom staat dan bij mij op de ondiepe plaat. Sturdy steekt echter een flink stuk wad af en we komen ongeveer gelijk uit bij de Paardehoek. Ook daar staat nu ruim water, zodat niemand hoeft te wachten.

 

Volgend jaar natuurlijk weer……………………..

 

Harm Slomp